Symbool

Een portier slaat dicht. Dof klinkt het geluid van stappen op de stoep. Stappen op de stoep naar de stad. Een muur lijkt rotsvast te beschermen wat de mensen hebben opgebouwd. Wat ooit bittere noodzaak was, is nu attractie. Pleinen vol met toeristen kijken hun ogen uit naar alles wat er was en alles wat er van geworden is.

Vanzelfsprekend zijn de panden oud. Maar dat zie je pas als je naar boven kijkt. Net boven al het nieuws dat uitgestald staat voor de mensen om te kopen. Als je je ogen sluit waan je je in Amsterdam, Rome, Praag, of willekeurig welke andere stad. Als je je ogen opent verandert dat beeld maar mondjesmaat.

Ook hier de mensen op terras, met koffie of glas wijn. De geur van de Amsterdamse kroket is vervangen door de geur van Lucca’s pizza. Op de achtergrond de winkels die aanbieden wat jij hebben wilt. Als er een kleine kans is dat jij het koopt, zullen zij het hebben.

De taal is mooier dan bij ons. Er wordt niet gesproken maar gezongen om mij heen. Elk gesprek een opera op zich. Ik zou willen dat ik mee mocht zingen, maar ik spreek de woorden niet. Ik denk dat ik heel soms weet waar het over gaat en herhaal dan zacht de woorden op mijn lippen.

Pas als je de pleinen verlaat en de steegjes betreedt, zie je Lucca puur. Een huis waar gewoond wordt, het raam gesluierd met gordijn. Een plant verraadt er leven. Auto’s langs de muur gedrukt en werklui met hun klofje aan.

Daar ook pas zie ik die heilige. Als versteend vertegenwoordiger van God heeft hij zijn hand geheven. De tijd at zijn vingers op. Vlak voordat het portier van de auto weer open gaat treft het me; het symbool van ooit, zegent het symbool van nu.

12042942_10153605696643756_3594469182595268781_n hand blik