Dag 4 – De dag van de ijverige schrijver

Ik heb zojuist contact gehad met een zwijn. Wees niet bang, geen enkele cursist is onder die noemer te vangen. Ik heb het over een echt zwijn.

Om de villa liggen bossen. Bossen vol dieren. We hebben spechten horen tikken, schorpioenen zien trippelen en zwijnen zien schuiven. Zojuist stak ik mijn hoofd uit het raam, om nog even te genieten van het donker en de zachte lucht, verkoeld door de regen van vandaag.  Onder mijn raam hoor ik het geschuifel van varkenspoten. De familie zwijn is weer in de buurt. Ze zijn op zoek naar verloren vijgen onder de vijgenboom en nagebleven noten van de walnoot een paar meter verder.

De dieren laten zich steeds niet helemaal zien. Het blijft bij een schimmenspel van everzwijnen. En voorbij het hek, de tuin in, komen ze nooit. Alsof ze zeggen willen; ‘dat is jullie plek, dit het onze. Laat ons maar schuiven. Dan laten wij jullie zitten.’

Maar vanavond, vannacht eigenlijk al,  lijkt het alsof ik heel even contact heb. Echt contact met moeder zwijn. De schim lijkt omhoog te wijzen, naar mijn raam. Haar ogen blinken en we hebben heel even oogcontact zoals alleen moeders dat kunnen hebben. We begrijpen elkaar. Ze probeert me iets duidelijk te maken. En als ik iets verder uit mijn raam buig en naar rechts kijk, zie ik wat ze bedoelt. Daar zit hij. Onze meest ijverige student zit nog onder zijn boom te tikken. De boom die de zwijnen liever als hun boom zien.

De cursist is nietsvermoedend aan het schrijven. Hij heeft meer nog dan de anderen zijn schrijfmodus gevonden deze week. Hij tikt en tikt en laat de pareltjes uit zijn vingers glijden. Hij vergeet ons, vergeet zijn kop koffie en verliest zich in de tijd.

20160915_161150-1

Ik  laat moeder zwijn weten dat ik het gezien heb en kuch. Geen reactie van de schrijver. Ik schraap mijn keel. De schrijver schrijft. Dan breek ik de stilte door ongenadig hard te niezen. Zelfs de zwijnen schrikken. De schrijver tilt zijn hoofd op. Draait zijn schouders en schrikt duidelijk van de duisternis. Ik hoor hem bijna glimlachen als hij zijn werk bewaart en zijn laptop sluit. Tevreden loopt hij naar binnen.

De schim van moeder zwijn gaat verder waar ze mee bezig was en haar kroost wandelt richting vijgen. Ik denk te zien dat ze nog heel even met haar staartje zwaait.

‘Graag gedaan moeder zwijn.’